Fortmond

Steenfabriek
Het Kozakkenveer
14.06.17 - 24.06.17

Vandaag de dag zijn er geen steenfabrieken meer langs de IJssel, maar in de bloeitijd staan er meer dan 75 ovens in de uiterwaarden van de IJssel. Het tijdperk van de steenfabrieken eindigt in onze regio met de sluiting van de laatste fabriek in 1976. In de uiterwaarden, aan beide kanten van de IJssel, zijn nog wel restanten van ovens en schoorstenen terug te vinden, zoals hier in Fortmond. Magere klei, die vooral voorkomt in de stroomruggen langs de grote rivieren, is zeer geschikt voor de bakstenen en vooral straatstenen. 

Na een aantal grote stadsbranden, zoals die in Deventer in 1334, komt er in veel steden de verplichting tot het gebruik van bakstenen en harde dakbedekking. De steenbakkerijen maken sinds die tijd deel uit van de lokale economieën. In de negentiende eeuw neemt het aantal steenfabrieken sterk toe door de groei van de steden en de grote vraag naar straatklinkers. Halverwege die eeuw ontstaat er een concentratie van fabrieken plaats in het gebied van de grote rivieren.

De steenfabrieken aan de oostkant van de rivier zijn een belangrijke bron van werkgelegenheid. De meeste arbeiders zijn afkomstig van de ‘overkant’, uit Heerde en Vaassen en De Fortmond heeft daarom lang een eigen voetveer geëxploiteerd. In de Duursche Waarden, recht tegenover Veessen, liggen de imposante restanten van Steenfabriek De Fortmond. De ovens met de 40 meter hoge schoorsteen zijn nog goed te herkennen. Het bedrijf heeft gefunctioneerd van 1828 tot 1976.

Het Kozakkenveer

De schrik zit er goed in als in november 1813 de Russische Kozakken de oostgrens oversteken. Ze komen ons land te bevrijden van de Fransen. Hun reputatie als barbaarse woestelingen is hen al vooruit gegaloppeerd. Nauwelijks een half jaar zijn ze in ons land en niet eens met zovelen, maar de Kozakken op hun steppepaardjes maken zoveel indruk dat ze nog steeds in talrijke volksverhalen figureren. Ze worden daarin steevast afgeschilderd als woeste barbaren. Waarschijnlijk zijn het in de eerste plaats moedige soldaten. Op 10 november 1813 duiken er zo’n vijftienhonderd op voor de IJssel. Ze willen de Fransen zo snel mogelijk de rivier over jagen en dan doorstomen naar einddoel Parijs om Napoleon te verslaan. Daarom leggen ze een schipbrug aan tussen Fortmond en Veessen. De snelle bevrijding lukt wonderwel. Op 21 mei 1814 is heel Nederland voorgoed van de Fransen bevrijd. Vanwege de toenmalige schipbrug heeft het huidige pontje, dat sinds 2005 weer vaart, de naam “Kozakkenveer” gekregen. De oudste vermelding van een veerdienst ter plekke stamt overigens al uit 1379.